Twee maal eerder schreef ik er al over: de zomertijd. Het thema blijft me bezighouden. Dat komt onder andere doordat ik een ochtendmens ben. De eerste uren van de morgenstond zijn voor mij de mooiste van het etmaal. Ik begin dan met quasi-meditatief een pot slow coffee te zetten. Sinds zondag 31 maart moest ik dat een enkele maal nog bij kunstlicht doen. Nu is dat voorbij. Ik ben bijna nooit voor zes uur in de keuken en binnenkort is er zelfs om vijf uur al bijna genoeg zonlicht voor deze eenvoudige huishoudelijke verrichting. Maar de dagelijkse herinnering aan die wisseling tussen zonlicht en en kloktijd houdt het benul scherp en daarom gaat het in het leven, toch?

Terzake! Begin maart stond een bericht in de krant over iets nieuws dat alles te maken heeft met mijn ontdekking van de zomerteit [‘zomer- TEIT’ is niet een spelfout; zie het vorige nummer van De Ster en/of http://www.desteronline.nl/zomerteit- hugo-verbrugh/]. Ik citeer:

‘Nieuw onderzoek wijst erop dat onze perceptie van tijd meer gemeen heeft met onze perceptie van ruimte dan tot nu toe algemeen werd aangenomen. Net zoals de bestemming waar we naartoe reizen dichterbij lijkt dan de plek waar we vandaan komen, lijken ook gebeurtenissen in de toekomst dichterbij dan die in het verleden. Uit eerder onderzoek was al gebleken dat mensen die zich verplaatsen het idee hebben dat de plek waar ze zich naartoe bewegen dichterbij is dan de plek waar ze vandaan komen. Zelfs als ze zich in werkelijkheid precies even ver van beide plekken bevinden. Omdat onze perceptie van tijd gefundeerd is op hoe we ruimte ervaren, bedachten psychologen dat voor tijd wellicht hetzelfde geldt.

Om te achterhalen of dat echt zo was, ondervroegen de psychologen een aantal mensen. Zo vroegen ze mensen bijvoorbeeld een weekje voor Valentijnsdag hoe ver de dag van de liefde van het heden verwijderd was. Een weekje na Valentijn vroegen ze een andere groep mensen hetzelfde. De eerste groep had in vergelijking met de tweede groep het gevoel dat Valentijn dichterbij het heden was. Blijkbaar lijken gebeurtenissen in de toekomst dichterbij dan gebeurtenissen in het verleden. De psychologen gaven aan dit effect de naam ‘het temporele Doppler-effect’.

Tot zover het bericht. Uit Wikipedia haal ik: ‘Het Doppler-effect wordt gedefinieerd als de waargenomen verandering van frequentie van geluid, licht of andere golfverschijnselen, door een snelheidsverschil tussen de zender en de ontvanger.’ Dat klinkt ingewikkeld, maar wie auto’s snel voorbij hoort rijden, merkt dat de toonhoogte van het geluid van de auto’s daalt op het moment dat ze voorbijrijden. Met de sirene van een politie- of brandweerauto is het effect nog duidelijker, doordat die sirene een vaste toonhoogte heeft (bron: wederom Wikipedia).

‘Het effect is genoemd naar de Oostenrijkse natuurkundige Cristian Doppler. In 1842 beschreef hij dit verschijnsel voor zowel licht- als geluidsgolven … ‘ [in de titel van zijn publikatie gaat het over Doppelsterne oftewel dubbelsterren; nomen est omen, zou je haast zeggen: zijn naam, nomen, Doppler lijkt haast een voorteken, omen, te zijn geweest voor zijn werk aan de Doppelsterne – maar dit terzijde].

De relatie tussen tijd en ruimte … – dat is (1) een oerfenomeen in de filosofie, (2) een determinant [= een wezensbepalend kenmerk. Red.] van het menselijk benul en (3) een actueel thema in de cognitieve psychologie [zie de recente publikatie van Nicole A.M.C. Goossens, Gino Camp, Peter P.J.L. Verkoeijen, Huib K. Tabbers & Rolf A.Zwaan, Department of Psychology, Erasmus University Rotterdam, Journal of Cognitive Psychology, ‘Spreading the words: A spacing effect in vocabulary learning’; http://dx.doi.org/ 10.1080/ – 20445911.2012.722617]. Ik kom er op terug!

Bibibliotheek van Babel van Borges

Het plaatje bij dit stukje is een poging tot verbeelding van (1) de Bibibliotheek van Babel van Borges oftewel (2) het Universum oftewel (3) de verzameling van alle boeken die geschreven zouden kunnen worden oftewel (4) de perfecte virtuele synthese van tijd en ruimte. Voor verdere toelichting zie www.desteronline.nl/de-koninginen-de-dames-van-amesz/#comments.

Hugo Verbrugh