‘Universiteiten heroriënteren zich op hun kerntaken. Er komt voorzichtig meer aandacht voor onderwijs’ Dat stond zaterdag 17 juni in een artikel in NRC Handelsblad.

Bijna op dezelfde dag deed het Interstedelijk Studenten Overleg een oproep aan politiek Den Haag. ‘Universiteiten en hogescholen zouden studenten beter moeten steunen als die in het bestuur van een vereniging willen zitten. Studeren is veel meer dan alleen studiepunten halen en vertrekken met een mooi papiertje’, stellen het ISO en andere belangenorganisaties in een brief aan de minister. ‘Het is ook een tijd van ervaringen en ontwikkeling buiten de studie: binnen een commissie, bij een studentenvereniging, in een stage of het buitenland.’ Sinds een wetswijziging vorig jaar kunnen studenten die hun studie onderbreken voor een voltijds bestuursfunctie worden vrijgesteld van collegegeld. De meeste opleidingsinstituten maken echter geen gebruik van die regeling, zegt het ISO in Utrecht. De belangenorganisatie vindt dat minister Jet Bussemaker er afspraken over moet maken met de instellingen. Ambitie wordt beboet, stellen ze letterlijk: ‘In plaats van dat hogescholen en universiteiten hun betrokken en ambitieuze studentbestuurders bedanken voor hun cruciale bijdrage aan een uitdagend studieklimaat, straffen ze hen nu door ze te laten betalen voor onderwijs dat ze niet volgen’, aldus Rhea van der Dong van het ISO. ‘Nu betaalt 87 procent van de studenten die voltijds bestuurslid zijn, toch het volledige collegegeld terwijl ze geen colleges volgen.’

Onvergetelijk is het symposium dat de redactie van het Tijdschrift georganiseerd had over het placebo – destijds ook zo’n onderwerp waar een fatsoenlijke dokter niet hardop over sprak. Het plaatje is een variant op een van de plaatjes op het schilderij met tachtig spreekwoorden en gezegden dat Pieter Brueghel de Oude in 1559 maakte. ‘Een placebo ben ik, en alzo gezind …’; deze uitspraak gaat over nr. 67: de huik naar de wind hangen (= meeheulen – altijd andermans standpunt volgen of: wanneer de tegenpartij komt het met hun eens zijn). altijd andermans standpunt volgen of: wanneer de tegenpartij komt het met hun eens zijn).

Waar en wanneer heb ik dit soort geluiden eerder gehoord? Lang geleden, toen ik zelf studeerde en tussendoor deed wat het ISO aanbeveelt. Noteer dat ik schrijf  ‘… DIT SOORT geluiden …’. De klachten van het ISO werden toen namelijk NIET geuit; de problemen die het ISO nu signaleert waren er toen niet. Het collegegeld was aanvaardbaar gering, je kon binnen grenzen zo lang over je studie doen als je wilde [en, moet ik er eerlijkheidshalve bij zeggen: zolang je ergens financiering vond; dàt was toen voor veel studenten wel een groot probleem] en een béétje student deed er van alles bij dat indirect van groot belang was voor hem of haar zelf èn soms ook voor de universiteit.

Sublieme herinneringen bewaar ik aan het werk met vele goede vrienden studiegenoten, in de eerste plaats mijn huidige levensgezellin, in het Nederlands Tijdschrift voor Medisch Studenten, maandblad van het landelijk Verbond van Medische Faculteitsverenigingen.

In 1964 werd ik plaatselijk redacteur in Rotterdam. Als ik nu oude nummers doorblader vind ik van alles dat toen nieuw, revolutionair, avant-garde was. Psychosomatiek, alternatieve geneeswijzen, de vereniging voor ‘medische polemologie’ [voorlopers van ‘Artsen zonder grenzen’], erkenning van huisartsengeneeskunde als eigen, nieuw specialisme, pleidooien voor eerlijkheid aan het ziekbed [de patiënt was destijds in zodanige mate letterlijk object van de geneeskunde dat hijzelf niet eens mocht weten wat hem mankeerde, laat staan dat de arts zijn therapie-advies naar de patiënt toe zou legitimeren. Met kromme tenen stonden wij als coassistenten in de Daniel den Hoedkliniek te luisteren naar wat de artsen daar hun patiënten voorschotelden. In die kliniek werden alleen kankerpatiënten behandeld en iedereen wist dat, maar het mocht nooit hardop gezegd worden: de patiënten leden altijd aan ´een ontsteking´ of iets anders relatief onschuldigs. De tijd van deze extreme bevoogding liep toen weliswaar op zijn eind en onbewust voelden de patiënten dat de waarheid hun onthouden werd, maar het bleef allemaal onder de oppervlakte. In de ziekenkamers stonk  het naar de leugen] en heel wat andere vernieuwingen heb ik in dit tijd in, althans, iets bescheidener gezegd, mede in het kielzog van studenten-initiatieven zien komen.

Hugo Verbrugh

Meld u aan voor De Ster nieuwsbrief (U ontvangt een bevestigingsmail)