De Amerikaanse farma-gigant Mammon-Asklepia heeft vijf miljard dollar geïnvesteerd in een campagne om een nieuw vaccin dat ze ontwikkeld hebben populair te maken: een vaccin tegen nep-nieuws. Wie dat toegediend krijgt, kan daardoor onderscheiden wat in de media echt nieuws is en wat nep is.

Het lijkt mij overbodig om te melden dat dit een onversneden verzinsel is – een originele eigen toepassing van wat wij sinds enige tijd wereldwijd kennen als NEP [in het Engelse taalgebied: Fake] oftewel Nieuwe Economische Politiek.

Daarentegen moet ik natuurlijk wel uitleggen waarom ik met zo’n idioot verhaal begin. Ik doe dat omdat ik ook na weken lang wikken en wegen nog niet weet hoe ik het best beginnen kan met wat ik hier kwijt wil. Maar omdat ik in elk geval even onversneden serieus wil schrijven, moet ik nu eerst dit idiote verhaal retracteren [= HERROEPEN 1) Afluiden 2) Afschaffen 3) Afzeggen 4) Annuleren 5) Intrekken 6) Loochenen 7) Ontslaan 8) Opheffen 9) Retrakteren 10) Revoceren 11) Terugdraaien 12) Terugnemen 13) Terugroepen 14) Wederroepen].

Nu ik deze retractatie verricht heb, begin ik met een berichtje waarvan ik op goede gronden aanneem dat het echt is. Ik ontleen het aan een Ingezonden Brief in de NRC van 1 september. Ik citeer: ‘ „Mam, ik heb een problemo. Ik sta hier bij de balie van de universiteit en mag me pas voor vakken inschrijven als ik kan bewijzen dat ik ben ingeënt tegen mazelen, meningitis en nog wat dingen. Kun je even het bewijs van vaccinatie sturen?” Zich niet bewust van de discussie in Nederland over de dalende vaccinatiebereidheid appte mijn 23-jarige dochter mij dit berichtje. Twee weken geleden vertrok ze als uitwisselingsstudent naar New York. En nu stond ze ineens voor een dichte deur. Want dat was het: geen prik, geen les. … ‘

Nova et vetera‘, oude en nieuwe zaken, komen in dit iconische bericht samen.

VETERA: Verplichte vaccinatie’ is een oud verhaal. De voorgeschiedenis als onderdeel van de geschiedenis van de reguliere geneeskunde gaat terug tot 1 april 1717. In plaatje en bijschrift leg ik dit verder uit. In 1796 was dit verhaal zó ver in Engeland doorgedrongen dat Edward Jenner het waagde om hetzelfde te doen. Het werd een top-tien successtory. Uit Trouw van 17 juli 2013 haal ik de volgende samenvatting: ‘In 1808 werd in Nederland door de overheid ingevoerd dat mindervermogenden een prik moésten  halen, andere burgers mochten kiezen. Koning Willem I breidde de plicht uit. Vanaf 1823 moesten alle kinderen die naar school gingen een ‘pokkenbriefje’, een door een arts ondertekende akte van vaccinatie, kunnen presenteren. ‘De ontdekking dat mensen immuun worden als ze een ziekte krijgen ingespoten was volgens de vorst een “onschatbaar geschenk der Voorzienigheid”. Willem redeneerde op dezelfde wijze als premier Rutte afgelopen vrijdag: niet alleen ziekten komen van Godswege, ook de remedies zijn een geschenk van boven. Het pokkenbriefje zorgde volgens het RIVM niet voor een omslag. Slechts een kleine elite genoot onderwijs en dus bleef de vaccinatiegraad laag. Bovendien bleven protestanten zich verzetten. Vanwege de lobby van onder meer de protestantse Réveil-beweging ging de verplichting in 1857 de prullenbak in.  Het besluit had dramatische gevolgen: tussen 1871 en 1873 eiste pokken de levens van zeker 23 duizend Nederlanders. De massale sterfte bracht Den Haag direct weer op andere gedachten. Het pokkenbriefje moest opnieuw ingevoerd, en wel snel. In 1872 schreef de Wet op de Besmettelijke Ziekten opnieuw voor dat kinderen alleen welkom waren in het openbaar en bijzonder onderwijs als ze het briefje konden tonen. Op lange termijn was die maatregel uitstekend voor de volksgezondheid. Toen het kabinet-Pierson aan het begin van de twintigste eeuw de leerplicht invoerde, steeg de vaccinatiegraad tot voorheen ongekende hoogten. Het laatste woord was echter aan de (orthodoxe) protestanten. Zij bedongen in 1928 een uitzondering voor gewetensbezwaarden: ouders die de prik niet konden rijmen met hun geloof mochten hun kind aan de vaccinatie onttrekken. Uiteindelijk schafte Den Haag de verplichte pokkenvaccinatie in 1976 af. De ziekte was toen zo goed als verdwenen.’

Voor zelfs de meest elementaire samenvatting van de geschiedenis van de vaccinatie in het algemeen en die tegen de pokken in het bijzonder zou een volledige jaargang van De Ster niet toereikend zijn. Voor een schets van de toekomst geldt dat natuurlijk in oneindige mate sterker. Daarom beperk ik me voor commentaar op het nieuwe tot twee kleine puntjes.

NOVA (1) ‘Vroeger kon je mensen gewoon vertellen wat het beste voor ze was en dan gehoorzaamden ze braaf’, schreef Rosanne Hertzberger 25 augustus in de NRC. ‘Zonder verdere vragen te stellen of überhaupt te weten waar al die prikken toe dienden rolden ze de mouwen van hun kinderen omhoog. Nu voelt een groeiende groep ouders dat de gezondheid van hun kind op het spel staat en er een belangrijke beslissing te nemen is. De uiteindelijke keuze komt soms niet overeen met wat wetenschappelijk bewezen het beste is voor kind en maatschappij. Kwestie van zelfoverschatting. En dat is uiterst vervelend, want mensen worden er doodziek van. Maar het is niet allemaal negatief. …’ Lees de rest verder zelf maar na. (2) Het woord ‘problemo’ in het bericht van de moeder van de dochter met haar (?niet-gevaccineerd zijnde?)-probleem is bij mijn weten nieuw. Nieuwe mensenkinderen maken zelf nieuwe woorden. Ik noteer even hoe het bevestigt wat ik 14 augustus jl. in De Ster schreef: ‘taal is een levend verschijnsel:  desteronline.nl/taal-leeft

Mijn eigen voorlopige conclusie is een nieuw punt op de agenda van het publieke debat: er kome een nieuw wetenschappelijk vakgebied: theoretische geneeskunde.

Wordt vervolgd.

PS: ‘Nova en vetera’ komt uit Matth 13:52. De Latijnse tekst van de Vulgata maakt daarvan: ‘ait illis ideo omnis scriba doctus in regno caelorum similis est homini patri familias qui profert de thesauro suo nova et vetera’. Een mogelijk vertaling is: ‘Hij zegt tot hen: daarom lijkt iedere schriftgeleerde die leerling is geworden inzake het koninkrijk der hemelen op een mens, een huiseigenaar, die uit zijn schatkamer nieuwe en oude dingen uitdeelt uit zijn voorraad’.

Het plaatje toont twee bladzijden uit een boekje uit 1800 met breven van Lady Mary Worley Montague, echtgenote van de Engelse Ambassadeur in Turkije. De tekst waar het om gaat luidt: The small-pox so fatal and so general amongst us is here entirely harmless by the invention of ingrafting (which is the term they give it). There is a set of old women who make it their business to perform the operation. Every autumn in the month of September, when the great heat is abated, people send to one another to know if any of their family has a mind to have the small-pox. They make parties for this purpose, and when they are met (commonly fifteen or sixteen together) the old woman comes with a nutshell full of the matter of the best sort of small-pox and asks what veins you please to have opened. She immediately rips open that you offer to her with a large needle (which gives you no more pain than a common scratch) and puts into the vein as much venom as can lye upon the head of her needle, and after binds up the little wound with a hollow bit of shell, and in this manner opens four or five veins. . . . The children or young patients play together all the rest of the day and are in perfect health till the eighth. Then the fever begins to seize them and they keep their beds two days, very seldom three. They have very rarely above twenty or thirty in their faces, which never mark, and in eight days time they are as well as before the illness. . . . There is no example of any one that has died in it, and you may believe I am very well satisfied of the safety of the experiment since I intend to try it on my dear little son. I am patriot enough to take pains to bring this useful invention into fashion in England, and I should not fail to write to some of our doctors very particularly about it if I knew any one of them that I thought had virtue enough to destroy such a considerable branch of their revenue for the good of mankind, but that distemper is too beneficial to them not to expose to all their resentment the hardy wight that should undertake to put an end to it. Perhaps if I live to return I may, however, have courage to war with them’

Hugo Verbrugh


Meld u aan voor De Ster nieuwsbrief (U ontvangt een bevestigingsmail)

Lees hier de privacyverklaring Hiermee geeft u toestemming om wekelijks een nieuwsbrief te ontvangen.