• Hoe viert een republikein Koningsdag? Of De Republiek der Twaalf Verenigde Polderlanden

Aanstaande donderdag is het weer Koningsdag. Het bezorgt me ieder jaar weer gemengde gevoelens. ‘Gemengde gevoelens’, ja, wat betekent dat eigenlijk? ‘Gemengd’ is het minste wat je ervan kunt zeggen. Maar ik proef een ondertoon van afkeuring, weerstand, negatieve gevoelens – dat soort dingen. En werkelijk, het idee van erfelijk koningschap gaat me ieder jaar sterker … – nou ja, in negatieve zin bezighouden. Hoe je ’t ook wendt of keert, het gáát om de bloedlijn, toch? En als ik dááraan denk kom ik via het oude, gelukkig grotendeels vergeten lied ‘Wien Neêrlandsch bloed door d’aderen vloeit, Van vreemde smetten vrij, …’ en dat soort dingen, op het soort controversen die rond het Zwarte Piet feest Nederland, en sinds een jaar of wat ongeveer de hele wereld rond 5 december in beroering brengen. En ik ben niet de enige die dat zo voelt. Het lied was in een ver verleden zelfs het officiële Nederlandse volkslied. Dat is nu voorbij, maar nog steeds valt het niet bij iedereen goed vanwege de zinsnede van vreemde smetten vrij. Dat haal ik van Wikipedia. ‘Deze zinsnede kan in de huidige samenleving als “racistisch” geïnterpreteerd worden’, staat daar ook. En met of zonder gezang, officieel of niet – erfelijkheid en smetvrij bloed vormen samen een moeilijk te verteren verhaal, toch?

Maar dat allemaal terzijde, want  is toch maar een deel van het verhaal. Er zit ook veel aardigheid in Koningsdag. Sinds vele jaren doe ik iets tegen wat ik hierboven schreef door tosti’s te bakken voor vrienden, verwanten en omwonenden. Dat is een oude traditie. Nog veel langer geleden begon onze jongste zoon daarmee op de ‘vrijmarkt’ die mooi toevallig achter ons huis gehouden wordt. Zijn tosti’s waren van een onvergelijkbaar betere kwaliteit dan waar ook, want brood, boter en kaas kwamen van wat tegenwoordig Gimsel heet, en de ham van scharrelslager Thijs van den Kieboom en zo werd zijn tosti-kraam wereldberoemd in Kralingen. Toen onze jongste zich daar te oud voor was gaan vinden, heb ik de traditie van hem overgenomen, en overmorgen ga ik weer aan de slag.

Twee jaar geleden heb ik er al over geschreven in De Ster (desteronline.nl/wat-doet-een-republikein-op-koningsdag) en daar staat ook een mooi verhaal over de grootmoeder van moederskant van onze koning – lees maar na.

(c) Winish Chedi

Maar het blijft allemaal een beetje knagen, en waarschijnlijk zal ik het overmorgen niet kunnen laten in gesprekjes met tosti-gasten er iets o ver te zeggen. Maar ik beloof dat ik het een mooie, positieve draai zal geven. Laat de Oranjes maar lekker blijven, zal ik zeggen, maar maak van Nederland iets anders. Doe als de Zwitsers, dat rommelige conglomeraat van kleine bestuurseenheidjes genaamd kantons, die een zó hechte en tegelijk vrije band met elkaar hebben, dat hun Confoederatio Helvetica een staatshoofd zowel niet hoeft te hebben als niet mag of kan hebben.

Nederland worde iets dergelijk. Dat is niet zo revolutionair als het misschien lijkt. Ik zie in mijn verbeelding een nieuwe incarnatie van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Die was tussen 1588 en 1795 een statenbond met trekken van een defensieverbond en een douane-unie, haal ik van Wikipedia. Ze besloeg grotendeels het grondgebied van het huidige Nederland. Zij verwierf in de 17e eeuw grote politieke en economische macht en speelde geruime tijd een hoofdrol op het wereldtoneel. Willem Alexander wordt stadhouder, de werkelijke macht ligt bij het collectief van twaalf gouverneurs die in de twaalf provincies democratisch gekozen worden. Een mooie officiële naam voor deze nieuwe Europese staat heb ik in de titel van dit stukje alvast voorgesteld.

Hugo Verbrugh

Meld u aan voor De Ster nieuwsbrief (U ontvangt een bevestigingsmail)