NRC/Handelsblad en reïncarnatie:

jan 08, 13 NRC/Handelsblad en reïncarnatie:

NRC/Handelsblad en reïncarnatie: een geval van functioneel analfabetisme

Een jaar of dertig geleden had Els Borst-Eilers, arts en bekende politica (D66), een aardige ingezonden brief in NRC Handelsblad. Een NRC-redacteur met Kerk en Theologie in zijn portefeuille had een artikel geschreven over de Duitse theologe Dorothee Sölle (1929-2003). Die was destijds zeer bekend, en de NRC-redacteur citeerde in ‘t bijzonder één uitspraak van haar die naar zijn oordeel voortreffelijk documenteerde hoe diepzinnig mw. Sölle kon denken.

Mw. Borst relativeerde in haar brief dit oordeel. ‘Mw. Sölle zal het vast wel gezegd hebben,’ schreef ze [ik citeer uit mijn geheugen; kan het knipsel uit die tijd zo gauw niet terugvinden], ‘maar ze heeft het niet zelf bedacht. Het staat in … ‘, en op de plaats van de puntjes citeerde mw. Borst een passage uit de bijbel die theologen al eeuwenlang in hevige vervoering en discussie brengt; ik ben vergeten welke. In een korte conclusie sprak mw. Borst haar bezorgdheid uit over de kwaliteit van de theologische deskundigheid van de betreffende NRC-redacteur. Ik moest daaraan terugdenken toen ik in de laatste dagen van vorig jaar een ingezonden brief niet in de krant vond. Het verhaal erover begint op 11 december. Toen verscheen een artikel van redacteur Ingmar Vriesema over het nakende einde van het wettelijk verbod op godslastering. Uiteraard kwam het beroemde ezelproces van Reve uit 1966, locus classicus inzake dit soort zaken in de Nederlandse cultuurgeschiedenis, ter sprake. In het artikel staat hierover de volgende passage: ‘En toen schreef Gerard van het Reve in 1965 over de reïncarnatie van God tot ezel. “ (…) ik zal Hem begrijpen en meteen met Hem naar bed gaan, maar ik doe zwachtels om Zijn hoefjes, dat ik niet te veel schrammen krijg als Hij spartelt bij het klaarkomen.” Ophef alom.’

Tot zover het citaat uit NRC/Handelsblad van 11 december. De cursivering in het citaat komt van mij. Zoals het daar staat, is het niet juist, schreef ik diezelfde dag nog aan de redactie Opinie. ‘In een parafrase in andere woorden van Reve’s aanstootgevende tekst kan men hoogstens spreken van een incarnatie van God als ezel. Dat is iets totaal anders,’ concludeerde ik. Als reactie belde Vriesema me op en meldde me dat niet hij, maar een eindredacteur dat zo in zijn artikel had gezet. Daarop hadden we kort mail-contact. De tekst van Reve die aanleiding gaf tot het gebruik van het woord ‘reïncarnatie’ luidt: ‘Als God zich opnieuw in de Levende Stof gevangen geeft, zal hij als Ezel terugkeren’, leerde ik van Vriesema. Dat citeerde ik op mijn beurt in een tweede brief aan de redactie Opinie. ‘Wat Reve hier precies mee bedoelde is onduidelijk,’ specificeerde ik, ‘maar met reïncarnatie heeft het ook in deze formulering niets te maken. Reïncarnatie heeft alleen betrekking op mensen en betekent dat een mens meerdere levens als mens heeft.’ Ik verzocht de redactie deze correctie te publiceren.

Zondag (!) 23 december om 16 uur 26 kreeg ik het volgende automatisch opgemaakte standaard-antwoord: ‘Geachte heer/mevrouw, Hartelijk dank voor de toezending van uw brief. Wij moeten u echter berichten dat wij deze niet zullen plaatsen. Onze voorkeur is uitgegaan naar andere bijdragen. Het spijt ons u niet anders te kunnen berichten. Met vriendelijke groet, Redactie Opinie NRC Handelsblad. Wegens het grote aanbod van artikelen en brieven is de redactie helaas niet in de gelegenheid te corresponderen over de inhoud van deze e-mail.’ [Over de geautomatiseerde beantwoording van lezersbrieven ga ik binnenkort nog een stukje schrijven]

Een toeval maakte dat de reïncarnatie in dezelfde dagen nog een keer in de krant verscheen, op 21 december in een recensie van het boek ‘Veronderstellingen’ van Annelies Verbeke onder de titel ‘Jezus is gereïncarneerd’. Ik citeer: ‘Al meteen in het eerste verhaal neemt Christus zelf het woord, in de gedaante van een hond. Een geval van reïncarnatie. Hij voelt zich door “Vader” danig op de proef gesteld (en) roept God ter verantwoording. “Wat verwacht u dat ik doe? […] Wonderen verrichten? Opnieuw het hoofdpersonage worden worden in de grootste bestseller aller tijden? … “. Voordat we medelijden met deze christenhond kunnen krijgen, is de brief en daarmee het verhaal alweer uit.’ Tot zover citaat uit recensie. Mijn conclusie, dertig jaar na die van Els Borst, is dat zich inzake reïncarnatie een beginnend functioneel analfabetisme lijkt te voor te doen bij de redactie van NRC/Handelsblad. Wat woorden willen zeggen, lijkt die redactie amper meer te interesseren, als het maar lekker leest en zo veel mogelijk mensen aanspreekt.

Toren van Babel

Het plaatje bij dit stukje is een impressie van de Toren van Babel. Die is het logo van de Stichting Kairos Karma en Reïncarnatie die sinds 1997 probeert het soort prietpraat en geneuzel als ik hier in NRC/Handelsblad signaleer uit de wereld te helpen.

Hugo Verbrugh

Facebook

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *