‘t Was natuurlijk best een raar stukje, vorige week, hier op deze plaats. die zes BN’ers op zoek naar een auteur: desteronline.nl/de-buitensporige-opsporings-ambtenaar-in-actie. Een goede vriend die het gelezen had, zei: ‘Het leek wel alsof je een droom vertelde’. En zo was het ook wel een beetje. Rêve éveillé heet dat in het Frans: ‘wakkere droom’ of ‘dagdroom’. In de psychotherapie is het een erkende methode om cliënten te leren zich los te weken van obsessieve negatieve gevoelens. En een béétje geobsedeerd was ik vorig week wel. Sterker nog: ik ben het nog steeds. Maar dat kwam minder door de faux pas, het foute gebaar dat Grapperhaus maakte en waarover ik klaarwakker een droom construeerde, maar door iets heel anders – iets dat in Trouw van dat weekeinde had gestaan. Dat was een lang interview met Philipp Blom (1970, Hamburg, historicus, filosoof en schrijver, schrijft voor tal van inter­nationale kranten en tijdschriften. In het Nederlands ver­schenen van hem onder meer ‘De ­ duizelingwekkende jaren. Europa 1900-1914′ (2009), … Het was typisch een interview uit de zgn. goede oude tijd. Blom sprak, de interviewer had genoteerd, de notities uitgetypt en naar de krant gestuurd, en die had het gepubliceerd. Achteraf veroorloof ik me hier – en ik druk me nu zo diplomatiek mogelijk uit – een enkele kritische kanttekening. ‘Een dom stukje DNA’, zegt Blom, ‘afkomstig van een markt in China, blijkt binnen enkele dagen de hele wereldeconomie te kunnen verlammen’.

De interviewer corrigeert hem niet. Ik dus nu wèl. Het coronavirus heeft niet DNA oftewel DesoxyriboNucleicAcid, maar RNA oftewel RiboNucleicAcid in zijn eiwitmantel. Dat is binnen het ter zake dienende vakgebied, de virologie, echt een ander verhaal. En voor zover ik het nieuws een beetje gevolgd heb, kan de bewering ‘binnen enkele dagen de hele wereldeconomie … verlammen’ hoogstens bedoeld zijn als een hyperbool (= de stijlfiguur van overdrijving. Een reden om een hyperbool te gebruiken kan zijn om bijvoorbeeld een emotie of een mening extra nadruk te geven. Maar ook variatie in schrijfstijl en humor kunnen redenen zijn om de hyperbool te gebruiken. Doorgaans wordt een hyperbool niet letterlijk genomen. – Wikipedia). Welke reden zou Blom hier gehad hebben voor deze stijlfiguur?

De goede omgangsvormen van de universiteit volgend, zocht ik contact met Blom om hem op de hoogte te brengen van mijn bevindingen. Dat leek in eerste instantie goed mogelijk. Blom bleek het soort mens te zijn die het goed met zichzelf getroffen heeft. Hij presenteert zichzelf op een majestueuze, tweetalige website en nodigt bezoekers uitdrukkelijk uit om, naar keuze via een bureau in Wenen of een agentschap in Zürich, contact op te nemen. In tweede instantie viel het tegen. Ik stuurde een berichtje met het verzoek om contact – geen antwoord.  Mocht er alsnog een reactie komen, dan zal ik het u laten weten. Intussen ben ik toch weer iets wijzer geworden dan ik via Trouw omstreeks 25 augustus al geworden was (‘Ik ben kennelijk inderdaad authentiek gek’: desteronline.nl/complotdenk-pandemie). Daardoor geïnspireerd ben ik op andere sites gaan zoeken naar whereabouts over Blom. Ook zulke andere sites waren gauw te vinden en sommige waren hoogst informatief. Blom blijkt gewoon een subliem getalenteerd voorbeeld te zijn van het soort schrijvers die ‘proberen een verhaal te reconstrueren zonder iets zelf te verzinnen, maar wel met een heldere eigen visie, ingegeven door de keuze voor een perspectief, het volgen van de particuliere belangstelling of de wens een bepaald verhaal te vertellen’ (geciteerd uit een artikel in De Revisor over ‘literaire nonfictie: dbnl.org/tekst).

(Foto:) Philipp Blom. Bron: Wikimedia Commons

En dan komt uit de mouw van enkele site-auteurs een akelige aap rollen. In de smeuïge collage feitjes, bedenksels, verzinsels, associaties en andere tekst-elementen waarmee Blom de blits maakt, leeft hij zich onder meer uit in Rudolf Steiner-bashing (= hard bekritiseren). Met name het riedeltje over racisme, dat voor mensen die serieus werk willen leveren eind vorige eeuw op de vuilnisbelt van de geschiedschrijving is gelegd, komt bij hem in vol ornaat terug.

Ik zoek en vind troost in een bekend motief in de wetenschapsfilosofie. Grote ontdekkingen zijn vaak gedaan omdat iets eerst helemaal fout ging. Mijn favoriete prototype is het werk van de Weense patholoog-anatoom Rokitansky (1804-1878). Een halve eeuw lang sneed hij lijken open van doodgeboren of anderszins overleden kinderen, foetera en embryo’s, en analyseerde daaraan de ontwikkeling van het hart. De basis van wat wij nu weten over de normale embryonale ontwikkeling van het hart, is destijds door hem gelegd.

Hugo Verbrugh


Meld u aan voor De Ster nieuwsbrief (U ontvangt een bevestigingsmail)

Lees hier de privacyverklaring Hiermee geeft u toestemming om wekelijks een nieuwsbrief te ontvangen.