De kop boven mijn stukje van deze week is in dubbele zin niet origineel. (1) De oer-versie komt van de Vlaamse dichter Guido Gezelle (1930-1899): ‘Mij spreekt de blomme een tale, mij is het kruid beleefd, mij groet het altemale, dat God geschapen heeft!’ (2) Ik heb het citaat al eerder gebruikt zodat ik eigenlijk zou moeten schrijven: ‘Mij spreekt van alles en nog wat een tale, en vandaag laat ik Bert Keizer spreken’, met direct daarna mijn gebruikelijke toevoeging: ‘Maar wat zegt hij eigenlijk?’

Eerst laat ik een woordvoerder van zijn uitgever van zijn recente boek letterlijk zijn of haar zegje doen. ‘Wie “de dood” wil definiëren, zal nog een hele klus hebben’, citeer ik van de achterflap van ‘Reis om de Dood – van As tot Ziel’ (Prometheus, 2019). ‘ Want de dood kan die van Socrates zijn, of die van uw moeder, of die van mijn hond, of van de buxusheg, of van een pneumokok. Kogels verspreiden de dood, Jezus stond op uit de dood. De dood kan op de deur kloppen of je huis voorbijgaan. En volgens Chateaubriand zwalken we een heel leven rond op zoek naar de veilige haven van de dood. Alles gaat een keer dood, lijkt het wel. We zeggen zelfs van sterrenstelsels dat ze sterven. Maar dichter bij huis zien we ook tuinen, bromfietsen, de kerk, neanderthalers, embryo’s en boeken steven. In een aaneenrijging van meer dan driehonderd items biedt Bert Keizer een wonderlijke baaierd van vragen, inzichten, afwijzingen en lofzangen rond de dood, uit alle tijden en plaatsen, in proza en poëzie.

Tekst loop door onder de afbeelding

Aan het einde van zijn boek brengt Bert Keizer de ziel ter sprake. Hij citeert ene verder niet gespecificeerde ‘mevrouw B.’ die zegt daar: ‘Ze zeggen dat de ziel na de dood het lichaam verlaat. Je mag ‘t hopen.  Wie zou daar willen blijven?

Zo weet hij vaak onderhoudend, maar hier en daar onthutsend om de dood heen te lopen.’ Dat zijn ruim twaalf dozijn woorden. Alleen al over dit éne stukje tekst zou ik zelf meer dan twaalf dozijn boeken kunnen schrijven (en een enkele keer bekruipt me héél even de lust om erbij te zetten dat ik dat ook wel zou willen, maar dat gaat dan gelukkig gauw weer voorbij).  Maar tégen de tegeltjeswijsheid ‘Alle begin is moeilijk’ in, is het begin van die genoemde ‘hele klus’ niet moeilijk. ‘De dood zoals wij die nu kennen, is relatief laat in de geschiedenis van de mens gekomen. Het eerste verhaal erover wordt verteld in het zogeheten Gilgamesj epos. Die tekst ontstond omstreeks 2100 v.C. in een destijds bestaand koninkrijk in de regio die wij Mesopotamië noemen [≈ ‘tussen (twee) rivieren’, in casu de Eufraat en de Tigris]. In de meeste archaïsche, Europese en buiten-Europese, culturen wordt de dood niet gezien als einde van het bestaan, maar wordt hij begrepen als overgang naar een andere vorm van zijn, en dan veelal in verband gebracht met de reïncarnatie. De meest gangbare begrippen voor de dood zijn daarom metaforen voor overgang, verandering, reis, bevrijding of afscheid nemen, slaap, ziekte.’ Overgenomen uit het lemma ‘Tod (griech. θάνατος; lat. mors; engl. death; frz. mort). Außereuropäische Kulturen. – Daß menschliche Existenz mit dem Tode unwiederbringlich zu Ende gehen könne, ist ein kulturgeschichtlich später Gedanke, der erstmals im Gilgamesch›-Epos seinen Ausdruck findet. In den meisten archaischen, europäischen und außereuropäischen Kulturen wird der Tod nicht als Ende der Existenz, sondern als Übergang in eine andere Seinsform verstanden und mit der Idee der Reinkarnation in Verbindung gebracht, die man in den Philosophien und Religionen Indiens und der Kosmologie nordamerikanischer Indianerkulturen, der platonischen und neuplatonischen Philosophie, der Orphik und anderen Mysterienreligionen des alten Griechenlands ebenso findet wie im frühen Christentum oder im Hinduismus und Buddhismus. Die gängigsten Begriffe für den Tod sind darum Metaphern des Übergangs, der Wanderung oder der Reise, der Befreiung oder des Abschiednehmens, des Schlafs, der Krankheit.’

[Historisches Wörterbuch der Philosophie: Tod. HWPh: Historisches Wörterbuch der Philosophie, S. 43220 (vgl. HWPh Bd. 10, S. 1227-1228)]

WORDT VERVOLGD. Lees intussen:

desteronline.nl/bert-keizer-en-ik-het-refrein-is-pein

desteronline.nl/grensoverschrijdende-ervaringen-met-bert-keizer

desteronline.nl/de-bert-keizer-memorial-meeting

desteronline.nl/rudolf-steiner-en-bert-keizer

Hugo Verbrugh


Meld u aan voor De Ster nieuwsbrief (U ontvangt een bevestigingsmail)

Lees hier de privacyverklaring Hiermee geeft u toestemming om wekelijks een nieuwsbrief te ontvangen.